sociale eigenschappen geschikte behuizing omgevingstemperatuur voedsel
De Driekleuren spreeuw (Lamprotornis superbus) (Syn: Spreo superbus)
Verspreiding
Oost Afrika
Grootte 19 tot 21 centimeter
![]()
Geslachtsonderscheid
De geslachten zijn op het oog niet van elkaar te onderscheiden.
Ten opzichte van soortgenoten zijn deze kleurrijke vogels erg verdraagzaam.
Ze houden van gezelschap en worden in een buitenvoliere het best met een
aantal soortgenoten samen gehouden.
Ze zijn redelijk verdraagzaam en opzichte van ander vogels, maar het is beter
ze niet bij kwetsbare en kleine vogelsoorten te huisvesten.
Tijdens de broedperiode slaat de verdraagzaamheid om en kunnen deze vogels
nogal agressief reageren op andere.
Hoe ruimer de behuizing en hoe meer ruimte er is per koppel,
hoe minder vaak hier kans op is. (terug)
Deze Spreeuwensoort is het beste op zijn plaats in een ruime buitenvoliere,
maar kan na gewenning ook in een ruime kamervolière binnenshuis gehouden worden.
Beplanting is een vereiste. (terug)
De Driekleurige glansspreeuw is een vrij geharde vogel die zowel 's zomers als 's winters
in een buitenvoliere gehouden kan worden.
Een verwarmd nachthok is tijdens aanhoudende vorst of erg guur weer wel een vereiste. (terug)
Driekleurenglansspreeuwen eten als basis voer een goed universeelvoer, maar hebben daarnaast
ook levend voer nodig.
Geschikte insecten zijn ondermeer meelwormen, pinkymaden en krekeltjes.
Ook vruchten, maar zeer zeker allerlei soorten besjes eten ze erg graag.
Deze Spreeuw is een actieve, intelligente en nieuwsgierige vogel,
die graag veel baadt.
Een grote schaal water op de bodem van de volière, waarvan de inhoud iedere dan
ververst wordt, zal hij graag benutten.
Driekleurenglansspreeuwen kunnen gemakkelijk tam worden.
Ook in een volière wint hun nieuwsgierigheid het vaak van hun angst,
zodat ze voedsel uit de hand komen opeten. (terug)
De kweek van deze vogels is doorgaans niet moeilijk.
Hiervoor is een nestkast nodig met een bodem oppervlakte van minstens 20 cm doorsnee.
De nestkast wordt bekleed met diverse materialen.
Het aantal te verwachten eitjes ligt tussen de 2 en 4 stuks,
die na ongeveer 12 tot 14 dagen broeden uitkomen.
De schaal van de eitjes heeft een blauwgroene kleur.
Beide ouders bemoeien zich met het voederen van de jongen en als u
meerdere driekleurglansspreeuwen hebt, is het ook mogelijk dat hun deze vogels
hun collega's hierbij helpen.
Ouderdieren brengen hun jongen vrijwel uitsluitend groot op insecten en hun
larven en poppen.
Het is dan ook erg belangrijk dat u deze meerdere malen per dag in voldoende
mate verstrekt.
Wanneer de jonge glansspreeuwen ongeveer 3 weken zijn, vliegen ze uit.
De borststreep hebben ze dan nog niet en de iris is nog zwart.
Op een leeftijd van 5 of 6 weken kunnen jonge driekleurglansspreeuwen helemaal
voor zichzelf zorgen en kunt u ze van de ouders scheiden. (terug)